Identiteit van de Oosterkerk

 

Inleiding

In Zwolle staat een huis. Een 19e eeuws Godshuis aan de Bagijnesingel. Hier komt op elke eerste dag van de week de gemeente van de Oosterkerk bijeen, samen met hen die zich tot haar aangetrokken voelen om God te loven, om te bidden en te luisteren naar "Zijn Woord". Het is een huis van lief en leed, een schuilplaats in de wildernis,een huis waarin Gods vrede is. ( Gez. 476: 4 LvdK).

En in dat huis, met haar bijgebouwen, komen we ook samen om elkaar te ontmoeten.

 

Wij zeggen niet dat er buiten de kerk geen heil te vinden is. We zeggen wel, en daar willen we ook aan werken, dat er binnen die kerk van Christus heil te vinden is. Zo zien wij onze gemeente. Gezegd met een lied:

 

Dit huis, gereinigd en versierd, waar Gods gemeente bruiloft viert,

staat voor de eredienst gereed,

wij komen hier in lief en leed.

Wie voor ons leefden gingen heen.

Dit oude huis van hout en steen

bleef staan als een gebed tot U.

Wij bidden mee, - verhoor ons nu!

In geest en waarheid bidden wij,

dat Christus in ons midden zij.

Hem love al wat adem heeft!

Hem love wat op aarde leeft!

En laat eendrachtig samenzijn

op ons gebed het 'amen' zijn.

Kom haastig, Here Jezus, kom

en maak ons tot uw heiligdom!

(Zingend Geloven 2,64)

 

Onze identiteit

 

Context

De Protestantse Gemeente Zwolle kent verschillende wijkgemeenten. De Oosterkerkgemeente is een samenvoeging van de voormalige wijkgemeenten De Hoeksteen en de Oosterkerk.           

Visie:      

De visie van de Oosterkerkgemeente ligt in het verlengde van de visie van de Protestantse Gemeente Zwolle. In haar beleidsplan 2008 formuleert zij als haar missie: De missie van deProtestantse Gemeente Zwolle is het verkondigen van het Woord van God en het vervullen van de opdrachten die Hij ons daarin geeft; dit tot eer van God, tot opbouw en uitbreiding van Zijn koninkrijk in deze wereld en tot heil van de mens als zijn beelddrager.        

De Oosterkerkgemeente wil een gemeenschap vormen van mensen:

  • die, aangeraakt en gedragen door de Heilige Geest, en met de Schrift als bron en richtsnoer,  met elkaar op weg zijn en met elkaar optrekken
  • die onderweg het leven vieren,
  • die elkaar onderweg bemoedigen en aansporen om te leven als kinderen van de Eeuwige, om Jezus Christus na te volgen
  • die onderweg zich geroepen weten tot inzet voor hun naasten, dichtbij en ver weg

Karakter

De Oosterkerkgemeente wordt gekenmerkt door de volgende uitgangspunten:

  1. er is ruimte voor mensen met verschillende geloofsopvatting en geloofsbeleving: de gemeente is te herkennen aan ruimzinnigheid en verdraagzaamheid; veelkleurigheid wordt beleefd als een geschenk van de Heilige Geest
  2. centraal staan de zondagse vieringen, waarin wij samenkomen rond Schrift en Tafel; de vieringen worden gekenmerkt door enerzijds devotie, anderzijds levendigheid
  3. wij zijn oecumenisch ingesteld, open en gastvrij, een ieder is welkom, ook aan de Maaltijd van de Levende
  4. wij zijn de eersten niet die in geloof de weg van de belofte trachten te gaan,  wij staan in een lange respectabele christelijke traditie; wij willen onze roeping door de Eeuwige op eigentijdse wijze vormgeven, in liturgie, in pastoraat, in diaconaat, in vorming en toerusting, in jeugd- en jongerenwerk, in gemeenteopbouw
  5. wij willen zoeken naar verbinding met hen die anders of niet geloven;  wij willen zichtbaar zijn in onze wijken, in onze stad, in onze samenleving

 Woorden ter inspiratie: uit ‘Hoe ver te gaan’? (Huub Oosterhuis)

Hoe ver te gaan? En of er wegen zijn? Nooit meer gebaande.

Hoeveel paar voeten zijn zij? Twee, drieduizend.

Niet hier hun vaderland, en schaamteloos wagen zij alles.

Soms wordt woestijn oase waar zij komen.

Vrijheid ontkiemt in hen, gloeit aan, dooft uit, zal weer ontvlammen.

Zij blijven kinderen, zij worden groter.

Hun stoet is zonder einde en getal. Tel maar de sterren.

Zij weten van de Stad met fundamenten.

  

Leiding en structuur 

De kerkenraad geeft leiding aan het leven en werken van de gemeente. Hij wil zo open mogelijk communiceren over zijn taak en het beleid. Daarbij wil hij inspelen op de vragen die er leven, openstaan voor noodzakelijke vernieuwing en ter wille van het functioneren als gemeente gebruik maken van "de gaven" die er zijn.

Dit alles binnen de grenzen van het afgesproken beleidsplan. Onder behoud van de uiteindelijke verantwoordelijkheid deelt hij de zorg van de opbouw van de gemeente met allerlei "werkgroepen" die taakgroepen worden genoemd.

 

Ons staat het volgende voor ogen:

  • Een heldere, duidelijke structuur, waarbij de kerkenraad zorg draagt voor goede voorwaarden, het geheel begeleidt, de samenhang bewaakt en het doel voor ogen houdt.
  • De taakgroepen die nodig zijn om op de verschillende terreinen van onze gemeente bezig te zijn krijgen zoveel mogelijk zelfstandigheid en verantwoordelijkheid geschonken.
  • Gemeenteberaad is van groot belang. De kerkenraad informeert, hoort en raadpleegt regelmatig de gehele gemeente. Communicatie staat hoog in het vaandel. Indien de noodzaak aanwezig is
  • Voor een goed functioneren wordt er structureel overleg gevoerd met de betaalde en de onbetaalde krachten die in onze gemeente werkzaam zijn, alsmede de vertegenwoordigers van de verschillende groepen.

Mogelijk wordt hiervoor een commissie ingesteld.

  • Om de taken uit te voeren is naast een beleidsplan een summier, jaarlijks op te stellen of bij te stellen werkplan nodig waarbij niet alleen gemikt wordt op de doelen die nodig zijn maar ook op wat haalbaar is en prioriteit verdient.  

Taken en doelen

 

Om ons doel  gemeente van Christus te zijn gestalte te geven hebben wij in "ons huis" een heldere en duidelijke organisatie nodig.

Er is de kerkenraad in zijn geheel en er zijn onderscheiden colleges (binnen die kerkenraad), colleges die verantwoordelijkheid dragen voor een van de deelterreinen van de gemeente.

Zo zijn er: een college van predikanten en ouderlingen, een college van diakenen en een college van kerkrentmeesters. (n.b. de kerkelijk werker maakt ook deel uit van het eerstgenoemde college)

Om dit werk zo goed mogelijk te doen laat de kerkenraad, laten deze colleges zich bijstaan door taakgroepen.

Kerkenraad en taakgroepen willen samen een fundamentele bijdrage leveren om de gemeente te doen groeien in liefde.

 

Voor een gedeelde zorg voor de opbouw van onze gemeente zijn er de volgende (overkoepelende) taakgroepen:

  • Eredienst: aandacht voor: kerkzaal, kerkmuziek,cantorij, liturgie, bijzondere (avond)diensten, musicalgroep, Taizégroep,
  • Pastoraat: door het instellen van wijkteams en contactpersonen willen we zo mogelijk aandacht geven aan allen die tot onze gemeente behoren, en waar mogelijk en wenselijk aandacht geven aan mensen buiten onze kerk
  • Jeugdwerk: clubwerk, soos, kinderoppas, kindernevendiensten, jeugddiensten,?
  • Diaconaat: Missionair werk buitenland/ZWO: zondagen werelddiaconaat, wereldwinkel, veertigdagentijd, milieugroep, maaltijdgroep?
  • Vorming en Toerusting: catechese, bijbelkringen, leerhuis, groeigroepen, geloofsopvoeding, 50+groepen.
  • Beheer: alle huishoudelijke zaken van de Oosterkerk en het beheren van de financiën
  • Communicatie: alle vormen van communicatie binnen de gemeente, zoals kerkblad De Bagijn, zondagse Kerkgroet, website enz.

Medewerkers

 

Voor de taken die wij ons stellen hebben wij in  "ons huis" mensen nodig.

Wij willen gebruik maken van de gaven die gemeenteleden hebben. Gaven die gebruikt kunnen worden binnen een ambt als dat van ouderling (-kerkrentmeester) of diaken. Ambtdragers zijn voor een goed beleid en beheer onmisbaar.

Zij bepalen de gemeente ook bij haar roeping.

 

Daarnaast willen ook graag gebruik maken van de gaven van onze gemeenteleden buiten die ambten om.

We willen dus in alle opzichten "gavengericht" bezig zijn. Ook als het gaat om het inschakelen van gemeenteleden voor kortlopende projecten of "klussen".

Daarom is ons werven van medewerkers niet alléén gericht op het werven van nieuwe ambtsdragers al kunnen we niet zonder.

 

We willen en zullen zoveel mogelijk gemeenteleden toerusten voor en  begeleiden bij dat deel van de gemeente (arbeid) dat past bij de hun geschonken gave(n).

  

Het is onmogelijk om vruchtbaar en met vreugde te werken in de gemeente als wij elkaar niet stimuleren en geen aandacht hebben voor elkaar. Dit   "omzien naar elkaar" is van grote waarde.

Daarnaast is het ook wenselijk om dit "omzien naar elkaar" te praktiseren met betrekking tot oud-ambtsdragers en oud-medewerkers van onze gemeente.